Veel gestelde vragen

Veel gestelde vragen en antwoorden over gewasbescherming in de sierteelt.

Wat zijn gewasbeschermingsmiddelen?

Dit zijn middelen die worden ingezet om landbouwgewassen te beschermen tegen ziekten, plagen en onkruid. Ze worden vaak gebruikt in de landbouw, zowel chemische als biologische middelen. Gewasbeschermingsmiddelen mogen gebruikt worden nadat ze zijn goedgekeurd door het College voor de Toelating van Gewasbeschermingsmiddelen en biociden (CTGB). De Nederlandse Voedsel- en Waren Autoriteit (NVWA) controleert het gebruik van deze middelen.

Waarom kiest de gemeente Westerveld ervoor om nu in te grijpen in de sierteelt? Had de gemeente niet beter kunnen wachten op landelijke wetgeving?

Daar wilden we niet op wachten. Er leven al lange tijd zorgen onder onze inwoners over de gezondheidsrisico's bij lelieteelt. De gemeenteraad van Westerveld heeft in mei 2025 een motie aangenomen waarin het college wordt gevraagd te onderzoeken welke lokale juridische mogelijkheden er zijn om de impact van het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen in de sierteelt op de leefomgeving tijdelijk, tot tenminste 2030, te beperken. Het college voert die opdracht nu uit en wil daarmee duidelijkheid geven aan betrokken partijen.

Om welke sierteelten gaat het precies, behalve om lelies?

Dat is nog niet vastgesteld. De gemeenteraad wordt nu gevraagd om een principiële keuze te maken: wil zij de voorgestelde maatregel invoeren en moet die zich beperken tot specifieke sierteelten met een hoog middelengebruik. De exacte uitwerking en afbakening van welke teelten hieronder vallen, wordt later uitgewerkt.

Om welke gewasbeschermingsmiddelen gaat het precies?

Het CTGB gaat over de toelating van gewasbeschermingsmiddelen. De gemeente heeft hier geen rol in. Wel hebben we in ons raadsvoorstel opgenomen dat biologische middelen zijn toegestaan binnen de 50 meter sierteeltvrij. 

Waarom zijn biologische gewasbeschermingsmiddelen wel toegestaan?

Voor biologische gewasbeschermingsmiddelen geldt dat ze minder gezondheidsrisico's met zich meebrengen.

Waarom kiest het college voor een afstand van 50 meter en niet voor een grotere afstand, zoals 250 meter?

Wij vinden dat niet nodig. Met 50 meter wordt aangesloten bij de jurisprudentie van de Raad van State. Uit vaste rechtspraak van de Afdeling volgt dat in het algemeen een afstand van 50 meter tussen gevoelige functies en agrarische percelen waarbij gewasbeschermingsmiddelen worden gebruikt, niet onredelijk wordt geacht.

De afstand van 250 meter is daarentegen gebaseerd op één uitspraak van de voorzieningenrechter van het Gerechtshof ’s-Hertogenbosch van 22 juli 2025, waarbij de uitspraak specifiek gericht was op enkel lelieteelt.

Wat is de rol van de provincie Drenthe in dit dossier?

De provincie Drenthe is bevoegd gezag op het gebied van gewasbeschermingsmiddelen met betrekking tot natuurbescherming in relatie tot Natura2000 gebieden. Op 2 april 2025 heeft de Raad van State uitspraak gedaan dat er een vergunningsplicht is vanuit de Wet natuurbescherming (Wnb), omdat niet uitgesloten kan worden dat er bij lelieteelt geen significante effecten zijn op Natura2000 gebieden. De provincie Drenthe heeft op 3 juni 2025 een concept-beleidsnotitie Lelieteelt gepubliceerd als reactie op de uitspraak van de Raad van State, waarin de provincie de komende jaren inzet op onderzoek, ondersteuning van telers en handhaving bij lelieteelt.