Bodemfunctieklassenkaart

Op de bodemfunctieklassenkaart is aangegeven welke soort grond mag worden toegepast.

Dit is ingedeeld naar kwaliteit; achtergrondwaarde, wonen of industrie.

De Wet bodembescherming kent echter het stand-stillprincipe. Dit betekent dat de bodem niet meer vervuild mag worden dan deze al is. Leidend hierbij is dus de daadwerkelijke kwaliteit van de bodem op de locatie waar men grond wil toepassen.

Als u (licht) verontreinigde grond wilt toepassen, moet u eerst kijken naar de functieklassenkaart. Als de partij voldoet aan de op de locatie geldende bodemfunctieklasse, moet vervolgens de grond op de locatie worden onderzocht met een bodemonderzoek. Als de bodem minder verontreinigd is dan de toe te passen partij grond (ook als dit op basis van de bodemfunctieklassenkaart wel is toegestaan), mag u de partij grond hier niet toepassen.

Melden

Het toepassen van schone grond moet gemeld worden vanaf een totale hoeveelheid van 50 m3 of meer. Het toepassen van (licht) verontreinigde grond moet altijd gemeld worden. Agrariërs hoeven niet te melden of te keuren indien men grond van het ene landbouwperceel naar het andere landbouwperceel versleept. Het moet dan wel om de eigen landbouwpercelen gaan.

Schakelt u als particulier een bedrijf in, bijvoorbeeld een aannemer, dan moet u de toepassing melden en een kwaliteitsverklaring van de grond kunnen overleggen.

Kwaliteitsverklaringen

Het Besluit kent de volgende kwaliteitsverklaringen:

  • Een partijkeuring, conform Ap04.
  • Een erkende kwaliteitsverklaring.
  • Een fabrikanteigenverklaring.
  • Een (water)bodemonderzoek, dat aan specifieke eisen voldoet.
  • Een (water)bodemkwaliteitskaart.

Als u niet zeker weet wanneer u met welke kwaliteitsverklaring kunt volstaan, adviseren wij u hierover contact op te nemen met een van de bodemmedewerkers.